jueves, junio 23, 2005

Carlos Barbarito: KORTE NOTA'S VOOR EEN POETICA

Een complexe, merkwaardige activiteit is het, te werken met woorden. Een persoonlijk werk, een solitaire ervaring, die iedereen benadert als een avontuur. Werk dat vermoeit, want verwant met het waken. Ooit zei ik dat dichter zijn stemmen horen is: wij zijn dan niet ver verwijderd van de activiteit van een medium of van bepaalde vormen van waanzin. Ik hoor stemmen, mijn innerlijke stemmen, en alleen aan hen ben ik trouw - trouw, die zoals elke trouw die naam waardig, het verraad niet schuwt, ja zelfs plezier schept in de gedachte eraan. Anders uitgedrukt: midden in het gedicht, onverwacht, een plotse afwijking, een onvoorziene weg, vaak tegengesteld - dat fascineert me.

Een gedicht, elk gedicht, is een menselijke schepping, en zoals elke schepping gemaakt door de mens, is ze complex. Gil de Biedma beweert, terecht, dat complex synoniem is van onzuiver. En onzuiver betekent - volgens het woordenboek - vermengd met grove delen of delen die vreemd zijn aan een lichaam of materie. Deze onzuiverheid is onverbrekelijk verbonden met poëzie, zonder haar zou de poëzie zijn als een Manet met water zonder waterlelies, met al wat dat inhoudt aan verlies. Bij de omhelzing van de minnaars voegt de poëzie transpiratie, gekreun, lichte sporen van vingernagels in de huid; anders zou het gebeuren vervreemden van het leven, zich ontdoen van al het menselijke. Het zou geen poëzie zijn, het zou iets anders worden, aanmatigend zuiver, etherisch, angelisch, inhumaan

Een gedicht schrijven is een gevaarlijke daad. Het drijft ons naar het centrum van de wereld, naar het het merg van de anderen en onszelf, wat ons tot vreemdelingen maakt. Het isoleert, exileert, maakt ons tot vreemden. De taal die de dichter gebruikt is niet die van elke dag, de alledaagse; ze is, zoals een tijdgenoot het zegt, een dialect. Hoezeer ze ook spreekt spreekt met de woorden van het woordenboek of schijnbaar gebruikelijke woorden, wat de dichter er van maakt, door zijn alchemie, door de opeenvolgende distillaties, door het zoeken naar andere lagen, geeft ze andere betekenissen, situeert ze op een andere plaats, maakt ze verwant met de magie, vult ze met krachten, transformeert ze in systemen van spiegels, in ingewikkelde tuinen. Poëzie leidt tot ontdekking, maar evenzeer tot eenzaamheid.